Tekenen op lagen

De lagen van een canvas worden weergegeven in de zijbalk van het canvas. Om deze te openen, selecteert u Canvassen in het menu Weergave of klikt u op de knop Canvassen in de knoppenbalk.
Klik op het driehoekje naast een canvas om de lagen ervan te bekijken. Lagen zijn transparant, dus achter de inhoud van de bovenste laag ziet u de inhoud van de tweede laag, enzovoort, tot aan de onderste laag.
Elke laag in de lijst heeft een klein voorbeeld van zijn inhoud en een titel, en wanneer u de aanwijzer erop plaatst, drie symbolen. Links van de laag die u op dat moment aan het bewerken bent, wordt een potloodsymbool weergegeven. Als u een andere laag wilt bewerken, klikt u links van de bijbehorende voorbeeldweergave, waarna het potloodsymbool naar deze laag wordt verplaatst.
U kunt een laag zichtbaar of onzichtbaar maken door op het oogsymbool te klikken. U kunt instellen of een laag wordt weergegeven als u het canvas afdrukt door op het printersymbool van de laag te klikken. U kunt een laag vergrendelen of ontgrendelen door op het hangslotsymbool van de laag te klikken. Als een laag is vergrendeld, kan de inhoud ervan niet worden gewijzigd.
U kunt de volgorde van de lagen wijzigen door ze in de lijst te verslepen. U kunt een laag ook slepen om deze naar een ander canvas te verplaatsen. Sleep de laag terwijl u de Option-toets ingedrukt houdt om de laag te kopiëren in plaats van te verplaatsen. Als u de laag naar een heel ander document sleept, wordt de laag altijd gekopieerd.
Om een nieuwe laag toe te voegen, klikt u op de knop voor nieuwe lagen onder aan de canvassenlade.
Om een laag te verwijderen, selecteert u de laag en drukt u op de Delete-toets of kiest u Verwijder laag in het venstermenu Actie onder aan de zijbalk. Elk canvas moet minstens één laag bevatten. U kunt dus niet de laatste laag van een canvas verwijderen.
← Canvassen gebruiken Lagen delen tussen canvassen →